Toestemming

De ondubbelzinnige toestemming vormt een van de wettelijke grondslagen voor de verwerking van persoonsgegevens. Deze toestemming, die de betrokken persoon overigens op elk ogenblik kan intrekken, moet evenwel aan enkele voorwaarden voldoen.

Toestemmingsvoorwaarden

De toestemming moet rechtstreeks van de betrokkene komen. De Privacycommissie geeft er de voorkeur aan dat toestemming verlenen een positieve handeling veronderstelt, zoals bv. een vakje aankruisen in een formulier. Bij het afleiden van de toestemming uit het niet-handelen van de betrokkene (bv. verzuimen om een vooraf aangevinkt vakje uit te schakelen) is het risico immers groter dat de geldigheid van deze toestemming betwist wordt.

De toestemming moet vrij zijn. Dit houdt bijvoorbeeld in dat u iemand de kans moet geven om deel te nemen aan een wedstrijd met het oog op het ontvangen van een geschenk (bv. een dvd, een cd, een kortingsbon...) zonder dat u die persoon mag of kan verplichten om tegelijkertijd met deze wedstrijd zijn gegevens door te geven met het oog op het (later) ontvangen van direct marketing. Beide elementen (enerzijds deelname aan de wedstrijd en anderzijds het instemmen met het ontvangen van direct marketing) moeten met andere woorden los van elkaar staan.

De toestemming moet bovendien specifiek zijn. Dit houdt in dat de toestemming specifiek moet te maken hebben met de concrete direct marketing. Daarom is het bijvoorbeeld niet voldoende de verplichte informatie louter te vermelden in de algemene voorwaarden, wat bovendien ook een vrije toestemming hindert. De aandacht trekken op de volledige informatie vervat in de algemene voorwaarden via bijvoorbeeld een beknopte privacyverklaring strookt met een eerlijke en transparante verwerking.
Ten slotte dient de toestemming op informatie te berusten. De informatie diie u aan de betrokken persoon verstrekt hangt af van hoe u zijn persoonsgegevens hebt gekregen: rechtstreeks of niet rechtstreeks bij hem.

Soms is toestemming noodzakelijk

In de hieronder opgesomde gevallen is de Privacycommissie van oordeel dat toestemming van de betrokkene noodzakelijk is:

  • bij het toesturen van gepersonaliseerde boodschappen per e-mail, sms, mms, fax of door middel van geautomatiseerde oproepsystemen vereist bijzondere wetgeving de toestemming van de betrokkene. Dit wordt "opt-in" genoemd. In een aantal gevallen is deze voorafgaande toestemming echter niet vereist en kan de betrokkene zich enkel nadien verzetten, wat "opt-out" wordt genoemd. Aangezien dit een bevoegdheid is van de FOD Economie kan u hierover meer informatie terugvinden in hun brochure "de spamming: in 24 vragen & antwoorden”. Gelet op de wettelijke definitie van reclame in deze bijzondere wetgeving vallen berichten verstuurd door politieke partijen en hun mandatarissen voor electorale doeleinden buiten het toepassingsgebied van bovenvermelde opt-inregel. Nochtans vallen deze boodschappen wel onder het begrip direct marketing, waardoor de Privacycommissie dan ook van oordeel is dat een dergelijke opt-inregel voor alle direct marketing zou moeten gelden die via elektronische post, fax of automatische oproepsystemen wordt verstuurd, gelet op het intrusieve karakter van deze communicatiemiddelen;
  • wanneer u gevoelige gegevens over iemand verwerkt (bv. gezondheidsgegevens, gegevens over politieke opvattingen, afkomst) is schriftelijke toestemming vereist;
  • wanneer de beoogde directmarketingactiviteit niet verenigbaar is met het oorspronkelijke doeleinde waarvoor de gegevens werden ingezameld. Een hergebruik van openbare bronnen (bv. berichten in de geschreven media of informatie die beschikbaar is op het internet) met het oog op direct marketing is bijvoorbeeld niet verenigbaar. Vaak liggen bepaalde evoluties van de onderneming (bv. een fusie, een overname of een heroriëntering van het bedrijf naar andere markten) aan de basis van verdere verwerkingen van gegevens voor andere doeleinden die niet verenigbaar zijn met de oorspronkelijke doeleinden;
  • wanneer de betrokkene minderjarig is;
  • wanneer er sprake is van "virale marketing". Dit is iemand aansporen om persoonsgegevens van vrienden of kennissen vrij te geven voor directmarketingdoeleinden in ruil voor een geschenk of een korting. Nochtans is het evenwicht hier zoek, omdat de betrokken vrienden en/of kennissen doorgaans niet geïnformeerd worden en ook hun toestemming niet kunnen geven zodat zij geen controle meer hebben over verwerkingen van hun eigen persoonsgegevens.

Soms is toestemming aanbevolen

In een aantal andere gevallen, en gelet op het gevoelig karakter van bepaalde directmarketingactiviteiten, is het aangewezen dat deze slechts met toestemming van de betrokkene gebeuren, met name:

  • bij adressenhandel. Dit houdt in dat contactgegevens gecommercialiseerd worden. Hieronder valt de doorgifte van persoonsgegevens aan derden of de verwerking van persoonsgegevens in opdracht van derden (bv. verhuur van gegevens). Adressenhandel verloopt vaak via professionele tussenpersonen, waarbij dikwijls uit verschillende bronnen adres- en/of profielgegevens worden verzameld en gecommercialiseerd;
  • bij profilering;
  • bij handel in persoonsprofielen.

Telkens gaat het immers om gevallen waarbij het uiterst moeilijk, zo niet onmogelijk is om persoonsgegevens te verwerken zonder toestemming van de betrokkene te verkrijgen en toch conform alle bepalingen van de Privacywet te werken.