Verkiezingen en de Privacywet
Sinds 1992 moeten politieke partijen en (kandidaat-) politiek verkozenen rekening houden met de wetgeving tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer als ze persoonsgegevens verwerken.
Binnen deze pagina
Politieke partijen en hun mandatarissen kunnen in de verleiding komen om bestaande (openbare en private) databanken te gebruiken om gepersonaliseerde brieven op te sturen voor hun verkiezingscampagne.
Voorbeelden van die bestaande databanken zijn onder meer:
- de registers van de burgerlijke stand,
- ledenlijsten van verenigingen,
- het Rijksregister,
- klantenbestanden van een bedrijf.
Die bestaande databanken gebruiken is evenwel niet toegelaten omdat deze bestanden niet samengesteld werden met het oog op verkiezingen. Persoonsgegevens mogen slechts verwerkt worden voor duidelijk omschreven en wettige doeleinden en mogen niet worden gebruikt op een wijze die onverenigbaar is met die doeleinden (finaliteitsprincipe).
Op dit alles is één (wettelijke) uitzondering, met name de personenlijsten uit de bevolkingsregisters, die door de politieke partijen kunnen gebruikt worden voor hun verkiezingscampagne.
De verschillende kieswetten bepalen uitdrukkelijk dat kiezerslijsten enkel mogen gebruikt worden voor verkiezingsdoeleinden. Diegene die ze ontvangt, mag ze niet aan derden meedelen. Politieke partijen dienen er zich eerst schriftelijk toe te verbinden een lijst met kandidaten voor te dragen en de kandidaten moeten zich ertoe verbinden op voormelde lijst voor te komen.
Aangezien een kiezerslijst uitgegeven wordt voor een specifieke verkiezing, mag deze lijst enkel voor deze specifieke verkiezing gebruikt worden.
Een politieke partij en/of de politicus moeten in principe aangifte doen bij de Commissie vóór ze gegevens over kiezers, contactpersonen of leden op geïnformatiseerde wijze verwerken, behoudens een aantal uitzonderingen die gelden naargelang de politieke propaganda wordt gevoerd door de politicus als natuurlijk persoon, dan wel door de politieke groepering.
Zo is de politicus vrijgesteld van aangifte indien hij enkel die identificatiegegevens verwerkt, welke noodzakelijk zijn voor de communicatie, hij die enkel gebruikt om de betrokkene te contacteren, hij deze gegevens niet doorgeeft aan derden en hij deze gegevens niet langer bewaart dan nodig is voor de verwezenlijking van het doel (d.i. politieke propaganda).
Zo is de politieke groepering vrijgesteld van aangifte wanneer zij de betrokkene enkel contacteert om politieke propaganda te maken, de betrokkene lid of begunstiger is van de partij of met deze betrokkene regelmatig contacten onderhoudt, zij deze gegevens rechtstreeks heeft verkregen van de betrokkene, deze gegevens niet doorgeeft aan derden en de gegevens niet langer bewaart dan nodig is voor de verwezenlijking van het doel.
Zodra deze voorwaarden niet worden nageleefd, vervalt de vrijstelling en dient er wel een aangifte te gebeuren.
De aangifteformulieren kunt u terugvinden op de website van de Commissie. Belangrijk om te weten is dat voor de aangifte een bijdrage wordt gevraagd.
Uw aangifte kunt u steeds wijzigen of beëindigen.
Om na te gaan of iemand zijn aangifteplicht heeft nageleefd, kan iedereen het openbaar register van de Commissie raadplegen. Dit openbaar register is onder meer via internet beschikbaar.
Elektronische berichten hebben voor de ontvanger een bijzonder indringend karakter. Daarom geeft de Commissie voorrang aan de belangen en fundamentele rechten en vrijheden van de ontvanger. Het gerechtvaardigde belang van de verantwoordelijke voor de verwerking is hier ondergeschikt.
De Commissie is van oordeel dat elektronische berichten enkel verstuurd kunnen worden als de betrokkene zijn voorafgaande toestemming heeft gegeven.
Meer in het algemeen heeft de Commissie vastgesteld dat het massale gebruik van automatische verzendingssystemen de risico’s verhoogt op ongecontroleerd en systematisch gebruik van adressen van particulieren zonder dat die echt over de mogelijkheid beschikken te reageren.
De betrokkene dient informatie te ontvangen van politici en politieke partijen die hem persoonlijk aanschrijven in de aanloop naar de verkiezingen. De kiezer moet weten wie hem aanschrijft en waarom dat gebeurt.
Om de transparantie te verhogen is het trouwens aangewezen ook de oorsprong van de persoonsgegevens te vermelden.
Elke persoon heeft bovendien het recht om te weten welke gegevens over hem in een verwerking zijn opgenomen. Daartoe kan hij toegang vragen tot zijn gegevens in de desbetreffende verwerking. Gegevens die onjuist zijn kunnen verbeterd worden.
Belangrijker is dat u zich kunt verzetten tegen een verwerking door een politicus of een politieke partij.
De wet voorziet een specifiek recht op verzet indien de persoonsgegevens verkregen worden voor direct marketing. In dat geval mag u zich kosteloos en zonder motivering tegen de voorgenomen verwerking verzetten. Door de brede definitie van direct marketing is het begrip ook van toepassing op het gebruik van persoonsgegevens in het kader van verkiezingspropaganda.
Lees ook onze FAQ: verkiezingen (Kiezer) - verkiezingen (Kandidaat) - Doe de stemtest



